All posts by Patrick Demarest

Belet hen het spelen!

De nationale en internationale politiek, de economische relaties en de dagelijkse sociale omgang beginnen meer en meer op een voetbalwedstrijd uit de Belgische competitie te gelijken: slechts enkelen denken nog vooruit, de anderen verhinderen vooral dat de tegenpartij vooruit kan gaan. Het grote proactieve denken dat op dit moment op alle domeinen wordt gestimuleerd, leidt voorlopig niet tot een algemene vooruitgang. Die is er wel maar alleen in heel beperkte deelgebieden. Op dit ogenblik wordt die vorm van denken vooral gebruikt om anderen het spelen te beletten. Overal wordt een partijtje schaak gespeeld. Als wij dit doen, wat zal de andere dan doen en vooral wat kunnen wij doen opdat hij of zij dat niet zou kunnen doen? Alle internationale betrekkingen, Wikileaks bewijst dat nog maar eens, steunen op voorkennis. Beslissingen worden vooraf gestuurd. Vraag dat trouwens ook maar eens aan de UEFA!

De onderhandelingen over een nieuwe federale regering worden niet aan tafel gevoerd maar proactief via lekken in de media. Iedereen is vooral tegen iets. Het is meer dan ooit in om tegen iets te zijn! En als er ook maar iemand tegen iets is dan wordt daar heel hard rekening mee gehouden. Hoe harder hij roept, hoe meer men luistert. Ook hier weer denkt men proactief en verhindert men dat een plan, gebeurtenis of een actie plaats vindt. Mijn buur zingt terwijl hij het gras afrijdt? We doen hem een proces aan! Er is sprake van een KMO-zone in de buurt? We richten vlug een actiegroep op! Net als in het voetbal waar de zwakkere de sterkere belet van te voetballen en puur verdedigend speelt, confer Sint-Truiden-Club Brugge. En wie krijgt de aandacht en zelfs lof? Juist, hij of zij die de ander het spelen belet! Een beetje de omgekeerde wereld als je het mij vraagt.

Ik krijg zo stilaan de indruk dat in dit land niemand nog voor iets is. Doe iets of stel zelfs nog maar alleen iets voor en er steekt al een storm van protest op. Of het nu gaat over huizen bouwen of slopen, bedrijven bouwen, wegen leggen, windmolens, overstromingsgebieden, bomen planten of bomen kappen… er is altijd kritiek. Iedereen denkt voor zich en zijn onmiddellijke nabijheid. Het algemeen belang is verkaveld in onnoemelijk veel individuele kavels. Puzzelstukjes waar geen geheel meer mee te maken valt. Het individu heerst en de macht van het collectief is uitgehold. Zo erg dat gewoon regeren en gewoon leven, niet alleen in België maar in heel de wereld, onmogelijk is geworden. Nergens wordt nog een consensus bereikt waardoor slapende vulkanen opnieuw actief worden, letterlijk en figuurlijk. Het maakt de weg vrij voor populisten en extremisten. Er worden miljarden verdiend maar tezelfdertijd wordt de armoede groter. Wie begrijpt nog dat daklozen in België gewoon sterven van de koude, overgelaten aan hun lot. Niemand neemt nog een beslissing. Niemand kan ook nog een beslissing nemen. Eigenbelang eerst. Het wordt dringend tijd dat de slinger weer de andere richting uitgaat. Dat er op alle vlakken collectief wordt gedacht. Nationaal en internationaal. Het verregaande individualisme lost immers geen problemen op. Integendeel!

Veel genot in 2010!

Genot is het hoogste goed in de wereld. Op alle vlakken. Dus ook werkgenot. Genot is het zelfstandig naamwoord van genieten, zeg maar een vorm van extase. Er zijn gradaties, dat geven we toe. Je kunt losbandig maar evenzeer in stilte genieten. Genot impliceert dat alle kansen er zijn om van iets optimaal te kunnen genieten. Wie dus veel genot kent, voelt zich goed in zijn vel, krijgt kansen en neemt die. Kan die ook invullen omdat hij niet gehinderd wordt door armoede, milieuproblemen of een gebrekkige gezondheid. Genot en welzijn gaan hand in hand. Genot moet je ook vinden in alle deelgebieden van het leven: het werk, het gezin, de vrije tijd, de individuele ontplooiing, de vrienden. De mens wordt nu eenmaal gevormd door invloeden van verschillende aard. Iedereen reageert verschillend op die prikkels. Werk, gezin, vrije tijd, vrienden en het eigen ik moeten voor een evenwicht zorgen. Tussen die verschillende deelgebieden moet er ook een evenwicht zijn. Te veel aandacht voor uw job leidt tot verwaarlozing van de andere gebieden. Bovendien zorgt het ook voor een erg kwetsbare situatie. Als het bestaan en de ontwikkeling van een mens vooral op een pijler, bijvoorbeeld werk, gesteund is dan kan die hele wereld instorten als die pijler wegvalt. Mensen moeten op meerdere vlakken een vangnet voorzien. Daarom is genot op alle vlakken mijn wens voor iedereen in 2010. Seks, vrienden, werk, ontspanning, sport, het mag en moet allemaal aan bod komen. De financiële en economische crisis was een verstoorder van het genot. In 2010 moeten velen weer op zoek naar een nieuw evenwicht. Ik wens dan ook iedereen veel genot in 2010.

De eerlijkheid voorbij!

Weet u nog waar de normen liggen? En dan heb ik het niet over waarden en gedragsvormen ingegeven door culturele of religieuze overtuigingen. Nee, dan spreek ik over politiek en economie.  Wat zijn de grootste problemen van deze tijd?  De wereldeconomie met aan de ene kant haar uitspattingen en aan de andere kant bittere armoede en  het verstoorde ecologische evenwicht, zeg maar de opwarming van de aarde. Maar blijkbaar liggen de politici daar niet echt wakker van. Nauwelijks is de financiële crisis, veroorzaakt door het megalomane denken van de bankiers, voorbij of diezelfde banken blazen alweer hoog van de toren.  Wie grijpt in? Economie is een spel geworden van internationale grootmachten die bedrijven  sluiten en  verschuiven als op een monopolybord.  Internationaal bekeken staat daar geen macht boven. Wat zou de Belgische regering dan kunnen ondernemen tegen het grootkapitaal. De beurzen zijn daar de exponent van.  Het is duidelijk dat  die hun oorspronkelijke betekenis, geld genereren voor  bedrijven zodat die kunnen verder groeien, totaal verloren hebben. Gewone bedrijven die 5 procent groeien worden afgestraft door de analisten. Op basis waarvan?  Waarom moet een bedrijf per jaar 10 procent groeien. Waarom die buitensporige groei en winsten nastreven? Gewone mensen zoals u en ik blijven best weg van de beurs. Het is een speeloord voor banken en institutionele beleggers die zelf de spelregels bepalen  die ervoor zorgen dat de grote winsten voor hen zijn.  De kapitaalsverhoging van Option was daar een schoolvoorbeeld van. Institutionele beleggers konden  niet uitgeoefende rechten van aandeelhouders op die verhoging  kopen aan 50 cent. Zelf al hadden ze die nog niet, toch boden ze die al te koop aan wat leidde tot een winst van 20 procent en een val van het aandeel met 11 procent. De kleine belegger bleef eens te meer in de kou staan.  Die kunnen trouwens nooit intekenen voor obligaties met een stevige return. En wat te zeggen van de onwil van de wereldleiders om iets te doen aan de opwarming van de aarde? Dichter bij ons is er de natuurramp met de Zenne. Niemand is verantwoordelijk. Laat het ons niet overkomen of we vliegen de bak in. Plaats of geen plaats.  En ondertussen laten we in Brussel en Vlaanderen de daklozen bijna doodvriezen. De overheid geeft niet thuis dus moet de bevolking het maar oplossen.  Ook hier wringt iedereen zich weer in duizend bochten om vrijuit te gaan. En er is ook nog gesjoemel bij de Regie der gebouwen,  het verkeer loopt in een knoop en voetbalploeg Moeskroen  heeft de belastingen ontdoken. Ook hier pleit iedereen onschuldig.  De show must go on. Maar er is geen tijd meer voor show!  Helaas ook geen plaats meer voor eerlijkheid.  Eerlijk duurt het langst maar daar heeft niemand nog een boodschap aan. We zijn met zijn allen de  eerlijkheid voorbij.

Dag Yves

In West-Vlaanderen kennen we het gezegde ‘Dag Jan’. Het betekent zoveel als: wat is dat allemaal. We maken ons sterk dat we het in de toekomst over ‘Dag Yves’, zullen hebben.  Jan zal zich verder uitsluitend met Jan met de pet mogen bezig houden.  Maar wat was en is dat allemaal met Yves Leterme? Hebt u er overigens al eens bij stilgestaan hoe parallel sport, in casu voetbal, en politiek in dit landje lopen?

Stelling een: de grote drie van het voetbal leveren ook in de politiek strijd!

Leterme wordt verkozen en mag Leterme  I opstarten. Yves steekt daarbij zijn sympathie voor Standard Luik niet onder stoelen of banken. Kan dat zomaar? Nee, dat kon en mocht niet zomaar. Dus werd vanuit de hoofdstad, of was het Anderlecht, de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde aangerold. Resultaat: Herman Van Rompuy krijgt het roer in handen. De nieuwe premier is duidelijk een Anderlecht-man.  Die andere grootheid, Club Brugge, blijft in de kou staan. Geen nood! Door een speling van het lot, wordt Herman Van Rompuy naar Europa getransfereerd en  ziet Standard, lees Leterme, opnieuw zijn kans om de scepter in handen te nemen.  Echter niet zonder dat Club Brugge, in de figuur van Jean-Luc Dehaene, eerst het veld gecontroleerd heeft.  Wat is dat allemaal? Dag Jan, excuseer, dag Yves!

Stelling twee: the whereabouts zijn ook in de politiek een probleem.

De hele heisa rond de whereabouts van Malisse en Wickmayer liet Vlaanderen niet onberoerd. Voor- en tegenstanders kropen op de barricades maar nog veel meer achter hun computer.  Waar waren ze? Hoe komt het dat beide tennissers hun gegevens niet  meedeelden aan de bevoegde instanties? Een vergetelheid of doelbewust?  Blijkt nu dat ook in de voetbalwereld heel wat spelers niet  hebben gezegd waar  ze te vinden waren. U gelooft het of niet maar ook de politici hebben een soort van whereabouts. Zij moeten meedelen in welke raden van bestuur ze zetelen en wat hen dat allemaal opbrengt.  Een middel om te controleren waarmee en met wie ze zich allemaal bezig houden. Ook heel wat heren en dames politici geven niet thuis voor wat betreft het invullen van die documenten.  Dag Yves!

Stelling drie: De regering en de voetbalbond hebben even weinig slagkracht.

De splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde is een probleem dat al meer dan dertig jaar aansleept.  Yves Leterme geniet de eer om daar nu eindelijk de knoop door te hakken. De hervorming van de voetbalbond  en de voetbalcompetitie met  een duidelijker onderscheid tussen prof- en amateurvoetbal  staat ook al eenzelfde termijn op stapel. Ook daar bleef het alleen bij ballonnetjes oplaten.  Innovatie is zowel in het voetbal als bij de overheid een vies woord want Vlaanderen gaat  nu ook besparen op innovatieprojecten. Topspelers kan men, net als topbedrijven,  in België niet meer houden.  En samen met de braindrain verdwijnt ook als ons jeugdig voetbaltalent naar het buitenland. Dag Yves!

Terug naar de (voetbal)realiteit

Als beroepsjournalist kan ik het wekelijks live meemaken: de armtierigheid van ons voetbal dat gedragen wordt door omhoog gevallen spelers. We hebben nu eenmaal zestien ploegen nodig in eerste nationale en moeten daarom ook aanvaarden dat er daartussen heel wat spelers lopen die eigenlijk eerste nationale onwaardig zijn. Maar zolang men dat niet inziet bij de Bond zal men hier blijven aanmodderen. Dus ga ik wekelijks kijken naar teams die geen drie goede passes na elkaar kunnen geven, naar spelers die de basistechnieken van voetbal niet onder de knie hebben, naar trainers die tactische concepten uitdenken die ze zelf niet altijd snappen, naar spelers die verleerd zijn zelf te denken op een veld, naar bestuurslui die denken dat voetbal het middelpunt van de wereld is, naar supporters die alle fatsoen verliezen als hun club al dan niet onrecht wordt aangedaan. Ik kan zo nog wel een eindje doorgaan. Voetbal is business, big business.  Spelers, makelaars, mediabedrijven, telefoniebedrijven, de sportkledingindustrie, bedienden, restaurants, kortom met zijn allen winnen we er aan. Er is natuurlijk wel wat overlast voor de modale belastingbetaler die samen met de politie moet instaan voor de veiligheid en er zijn clubverantwoordelijken die ‘s nachts niet meer slapen door het financiële zwaard dat boven hun hoofd hangt. Maar het slechte voetbal, het gebrek aan conditie, het gebrek aan tactisch vernuft en techniek, zeg maar de werkelijkheid, worden telkens weer in een of andere roes vergeten. Met zijn allen bakkeleien ze over details maar die dragen niet bij tot de verbetering van ons voetbal. De conclusie is dan ook dat ze met zijn allen overbetaald zijn voor wat de heren maar brengen. De vele makelaars en huurlingen zullen dit natuurlijk niet graag horen maar ik denk dat ze net als in de economie ook eens de tering naar de nering moeten zetten: harder werken voor minder geld.

Pittig bruintje op leeftijd

Ik moet eerlijk toegeven dat ik Rodenbach wat uit het oog verloren was de laatste jaren. Dichter Albrecht Rodenbach kwam indertijd via de schoolbanken in mijn hoofd terecht als voedsel voor de geest. Zijn oom Alexander was de stichter van de brouwerij in Roeselare. Een stuk geestrijker dan Albrecht. En er was ook nog Georges Rodenbach, schrijver van onder andere Bruges-la-morte, en neef van Albrecht. Wie Rodenbach zegt, zegt Roeselare. Roeselare ademt Rodenbach uit: schrijvers en bier. Maar het waren niet de Blauwvoeterij of de Groote Storinghe die mijn aandacht trokken. Nee, het was het pittig bruintje dat op haar beurt de aandacht moest trekken op het bruine bier maar het degradeerde tot een ersatzproduct omdat het ideale, het pittig bruintje zelf dus, niet haalbaar was. Omdat de dame in kwestie alleen haar voor die tijd schaars geklede achterzijde bloot gaf, smaakte het naar meer. De voorzijde kregen we echter nooit te zien. Hoeveel dromen ook die richting uitgingen, ze verdwenen altijd op de bodem van een glas Rodenbach. Het publiciteitsbord blikte uitdagend over de omheining van het voetbalveld van KFC Roeselare. Dominant. In plaats van God ziet ons, hier vloekt men niet, waakte hier het pittig bruintje Rodenbach. Verlies of winst, ze bleef steevast op post. Rodenbach als troost of als symbool van de overwinning na hard knokken. Geen mens die wist wie het was. Het bleef een mysterie. Een goed bewaard geheim.

Tot….

Het was een eerder toevallige ontmoeting. Zij vroeg vuur, ik had geen vuur. Ik rookte niet, nog altijd niet. Maar ik heb vuur gezocht voor haar. Zo hoort dat. Ze dronk Rodenbach wat eigenlijk al opvallend was. Geen haar op mijn hoofd die aan verleiding dacht en juist dat maakte het zo gevaarlijk. Toen zei ze het: “ik ben het meisje van de Rodenbach”. Even dacht ik, dat zie ik maar toen besloot ik maar om even de wenkbrauwen te fronsen om meer te weten te komen. “Van de reclameborden”, gaf ze nog mee. “De blote rug”, vroeg ik haar? “Ja”, zei ze. Ik slikte. Ze had zeker vijfendertig ballen tegen haar lenden gekregen op het voetbalveld van KFC Roeselare maar daar had ze duidelijk geen last meer van. “Werk je voor Rodenbach”, vroeg ik? “Nee”, zei ze. “Ik was gewoon een model dat ze goed vonden.” “Je drinkt wel nog Rodenbach.” “Heb ik altijd gedaan”, antwoordde ze. “Je bent een mysterie”, zei ik. “Hoe bedoel je?” “Iedereen wil weten wie je bent, zoekt je.” “Weet ik maar ik had een afspraak met de brouwerij dat het een geheim zou blijven.” “Waarom zeg je het mij dan”, vroeg ik haar? “Omdat ik je niet ken en je aardig vind.” Ik keek haar aan. Ze had bruine ogen en lang bruin haar. Ik lachte. Zij ook. “Ben je echt een pittig bruintje”, vroeg ik haar? “Wil je het weten?” “Wat denk je”, repliceerde ik. Er was geen zure nasmaak. Ze had niet eens haar naam gezegd. Rodenbach had me tot het hoogste genot gebracht. In alle intimiteit. En dan was er alleen nog Rodenbach….

Begin deze week kreeg ik een folder in de bus:

Rodenbach presenteert…BK BBQ…in Torhout…gerijpt op houten vaten…

Hoe zou het met het pittig bruintje zijn, dacht ik. Waarom zou zij er na al die jaren ook niet bij zijn. Gerijpt maar niet op houten vaten. Smaakvol. Als het bier. Al was ik ook dat wat uit het oog of beter de mond verloren. Vroeger dronk ik het vaak als het hete zomers waren maar die hete zomers verdwenen. Het wat zure bier versloeg als geen ander de dorst. Van het nippen ging het naar een volle teug die zorgde voor een keel vol verkoeling. Pijn in het hoofd heb ik er ‘s anderendaags nooit van gehad. Niet dat ik me het herinner in elk geval. En van die andere zogenaamde bijwerking dat Rodenbach de darmwerking stimuleert, ben ik me nooit bewust geworden. Uien, bloemkolen en schorseneren eten, scoorden op dat vlak beduidend hoger. Waarom zijn onze wegen – Rodenbach en mezelf – dan uiteen gegaan? Is het niet het moment voor een vernieuwde kennismaking, vroeg ik me af? Het was toch een hete zomer. Zoals vroeger. Voorafgegaan door een strenge winter met weken van vrieskou. Het zal een goede zomer zijn, zeiden de mensen. En die hebben altijd gelijk.

Nerveus als een puber trok ik naar het BK BBQ in Torhout. Op zoek naar het pittig bruintje en Rodenbach. Tussen cowboys, dansende dames in bikini’s, Oklahoma’s, kleinkunstenaars en ontelbare muziekgroepjes zocht ik naar het pittig bruintje. Geen spoor. Moeilijk te vinden ook in een massa die vaak in de nevels van de barbecues werd gehuld. Vis, kip, varkensvlees, rundvlees, desserts, alles passeerde de revue. Ook Rodenbach. Eerst met mondjesmaat, gewenningsverschijnselen. Daarna gulzig. De ideale combinatie. Maar van het pittig bruintje nog altijd geen spoor. Te oud? Zijn we niet allebei te oud voor dergelijke escapades? Maar het blijft pittig, aantrekkelijk, de dames, het barbecueën, Rodenbach… Je zoekt twee zaken en vindt toch iets: het bier. Ook zonder het pittig bruintje loopt het smakelijk binnen. Zonder romantiek. Helaas. En bij de prijsuitreiking dacht ik ze even te herkennen: op een balkon met verrekijker. Gerijpt. Maar het was zinloos. Rodenbach wilde niet terug naar het verleden. Zelfs niet na zes of zeven glazen. Het zomergevoel blijft, de kleur van het bier ook maar het pittig bruintje niet. De vlinders in mijn buik waren verdwenen. Door eten en drinken. Er is geen weg terug dacht ik en ik ging nog eens naar de Rodenbachstand. Het vuur doofde, letterlijk en figuurlijk. Toen was er niets meer. Geen verleden meer. Rodenbach is gemoderniseerd. Gelukkig maar want nu ben ik gelukkig getrouwd.

Toen viel mijn blik op een folder voor een brouwerijbezoek. Zou ze daar werken, vroeg ik me af? Afspraak gewenst…. Zeker weten, dacht ik.

Wild om zich heen schoppen

Zowel letterlijk als figuurlijk wordt er weer  wild om zich heen geschopt in dit land. Minister Lieten die al dan niet zal aftreden als topambtenaar, een relletje. Jongeren in Anderlecht, relletjes. Jean-Marie Dedecker die naar New York trekt en de directeur van het Vlaams Huis in opspraak brengt, een relletje. En nee, ik vergeet Witsel niet.  Zijn aanslag op Wasilewski leverde veel rellen en doodsbedreigingen op. Bijna in de marge van dit incident verklaarde Kroatië Engeland de voetbaloorlog na een beenbreuk van Modric.  Het gebeurt dus ook elders in de wereld. Overigens werd in Wales een man doodgeslagen tijdens een huwelijksfeest. Vader waarom trouwen wij?  Meer dan vroeger kijken wij mee over de rug van de daders naar het slachtoffer en de plaats van de misdaad. Er bestaat geen schroom meer. Er zijn geen instanties meer die zeggen of beter die kunnen zeggen: rustig aan. Het lijkt zelfs alsof de media in naam van de persvrijheid er perfect in slagen om olie op het vuur te gooien. Stevenen we af op een collectieve waanzin waarbij een dubbele open beenbreuk voor Wasilewski, live gezien op tv, belangrijker is dan een begrotingstekort van 25 miljard euro? Voorlopig zijn dat nog onvatbare cijfers maar ze zullen tastbaar worden.  De brede laag van de bevolking zal het gelag betalen. Ondertussen worden ze kalm gehouden  met brood en spelen. Met voetbal of iets dat er voor doorgaat. Mits betaling mogen op de tribune en ook in de loges, alle remmen worden losgegooid. Wild om zich heen schoppen, is een nieuwe sport geworden.  Normaal en gewoon doen, wordt niet meer gehonoreerd.  Ondertussen swingen alle prijzen, zij het nu van huizen of van spelers, en  toplonen de pan uit. Dat justitie in Brussel blijkbaar door en door rot is, beroert nauwelijks iemand.  Iedereen wist dat blijkbaar al. Wie aan de top wil raken of rijk wil worden, mag corrupt zijn in dit land. Meer zelfs: het helpt. Maar wordt het niet de hoogste tijd dat de stille meerderheid ook eens op tafel gaat slaan. Weg met de tafelspringers.  Geef ons op alle vlakken eerlijke en bekwame bestuurslui. Het klinkt idealistisch maar er moet veel meer collectief gedacht worden. Een topfunctie mag nooit een doel op zich zijn, het is een middel om een vereniging, instelling, bestuur, bedrijf of maatschappij beter te maken.  Wie die rol invult, moet beseffen dat hij op alle vlakken een voorbeeld en toonzetter moet zijn. Helaas is dat niet altijd het geval. En zo wordt ook de stille werker in diskrediet gebracht. De West-Vlaamse leuze ‘doe stille voort’ staat meer dan ooit onder druk. Het lijkt eerder een bedreigde levenswijsheid. En als ik lees dat zelfs de Bond Zonder Naam, een tot voor kort onsterfelijk instituut, moet besparen, doemt bij mij de idee op dat er binnenkort geen zekerheden meer zullen zijn.  Wie redt ze?

De Tour als breuklijn

De evolutie van de prestaties van de Vlaamse renners in de Tour loopt merkwaardig parallel met de evolutie van Vlaanderen zelf.  We rijden nog altijd mee.  Dat wel maar opvallen doen we niet meer.  Dit jaar bleven we in de Tour net als in 2006 met lege handen achter. In 2007 pakten de Belgen, lees Vlamingen, drie ritzeges, in 2008 was dat er een.  Over het klassement spreken we niet (meer).  Al was er dan net dit jaar een vijftiende stek voor Jurgen Van den Broeck en een 28ste voor Maxime Montfort. Maar een vogel maakt de lente niet. In 1969 was het 30 jaar na Sylvère Maes dat er nog eens een Belg, in casu Eddy Merckx, de ronde van Frankrijk won. Lucien Van Impe won in 1976 als laatste Belg  de Tour. Ondertussen zijn we al 2009.  33 jaar geleden al…

In 1981 tekende België voor 10 ritzeges en posteerde 3 renners in de top tien. Freddy Maertens won 5 ritten en pakte de groene trui. Nog even herhalen dat we dit jaar nul zeges haalden en tevreden moeten zijn met een vijftiende stek in de eindklassering.  Natuurlijk is er in het wielrennen, net als in de economie overigens, een globalisering waar te nemen.  Maar waarom kunnen Franse neoprofs een rit winnen  en de Belgen niet. Waarom trekken buitenlanders in de aanval en de Vlamingen niet? Waar is de tijd van de Teirlincks die op het einde van de rit nog het lef hadden om te demarreren en iedereen een poepje te laten ruiken?  Als je dan Tom Steels hoort vertellen dat er dringend werk moet worden gemaakt van de jeugdopleiding  in Frankrijk en dat die bij ons veel verder staat daar we regelmatig toppers voortbrengen dan moet ik toch even gaan zitten.  Wij brengen toppers voor die zes weken in een jaar in bepaalde klassiekers kunnen meestrijden voor de overwinning. Niet meer maar ook niet minder.  We hebben voorlopig nog wel de knowhow via ploegleiders en topteams maar voor hoelang nog? Als Vlaanderen binnen de kortste keren geen degelijke ronderenners meer kan afleveren dan zal de belangstelling  voor de rondes, ja zelfs voor de Tour, enorm terugvallen.  Het grote wielercircus zal aan Vlaanderen voorbij gaan.

Vlaanderen moet oppassen dat het niet dezelfde weg opgaat als zijn renners: tevreden zijn met goed te zijn onder de kerktoren.  We zijn goed op ons niveau maar missen blijkbaar de ambitie om te groeien. Wil Vlaanderen de levensstandaard op hetzelfde niveau houden dan moet het  sowieso zelf  initiatief nemen en er zeker voor zorgen dat het internationaal in de kijker loopt.  Vlaanderen moet met andere woorden vooral zijn eigen sterke troeven uitspelen. Daar zit kennis en wetenschappelijk onderzoek bij  en ook werklust en inzet. Al staat dat laatste zwaar onder druk.

Kom op tegen Kanker(en)

Kanker, we hoeven niemand uit te leggen wat het is. Een ziekte waarbij kwaadaardige gezwellen optreden, voortwoekerend kwaad, zegt Van Dale erover. Maar het is meer dan dat. Het vreet aan een gemeenschap, fysiek en mentaal. Iedereen krijgt er mee te maken: jong en oud, arm en rijk, zonder onderscheid. Je krijgt het. Als een uppercut. Soms te hard om nog recht te krabbelen, altijd hard genoeg om verdwaasd en uitgeteld achter te blijven. Maar de mens is als een bokser, hij strompelt recht en vecht terug. Zolang het mogelijk is. Kom op, kop op! Met de steun van zijn supporters, lees familie, vrienden, kennissen, komt de bokser weer uit zijn hoek en gaat in de tegenaanval. Eerst nog breekbaar, later met meer vertrouwen. Met minder punch maar meer incasseringsvermogen. Een slag krijgen , is geen taboe meer maar niets terugdoen, is dat wel.

Elke minuut, elke dag is een geschenk. Gedaan met kankeren! Het altijd zoeken naar de kleine kantjes en de foute dingen. Er is geen tijd meer voor het negatieve. Overleven vraagt alle energie! Kanker en gekanker, de ziektes van deze tijd. De ene fysiek, het andere mentaal. Beiden sluipend gif. Doen we er iets aan? We komen met zijn allen op tegen kanker. “Kop op”, zeggen we tegen iedereen. We leren vechten, volgen op dat vlak als het ware een cursus zelfverdediging. “Kom op”, roepen we naar iedereen, “doe mee!”. En het lukt. Massaal gaan we meer bewegen, beter op onze voeding letten, fondsen geven voor de strijd tegen kanker. Zelfs de kankeraars doen mee. Die strijd moet ook gestreden worden. Het besef dat we samen keihard kunnen terugslaan, moet het gekanker doen verstommen. Wat we samen doen, doen we goed. Hoe hard de realiteit ook is, we blijven vechten met een positieve blik op de toekomst. Kom op tegen kanker en tegen kankeren!

Fortis

De crisis rond Fortis is op meer dan een vlak leerrijk. Ten eerste leert ze ons hoe het grootkapitaal met het geld van en bij uitbreiding de gewone man zelf, omgaat. Noodgedwongen moesten de heren van het internationaal kapitaal , met dank aan een aantal Amerikaanse bankiers die mikten op winsten boven de sterren, terug afdalen naar de aarde. Onwennig luisterden ze naar mensen van vlees en bloed, niet naar aandeelhouders die cijfermatig te manipuleren waren. We pakken jullie straks wel terug, hoorden we de financiers denken. Banken in crisis? Industrie in crisis? Even aankloppen bij de regering. Een land kan zijn volk niet in plan laten, internationale concerns kunnen en doen dat wel. Gelukkig zorgen loon- en weddetrekkenden, zelfstandigen en KMO’s, de trouwe belastingbetalers, voor de nodige stabiliteit. Al ligt voor hen geen reddingsplan klaar.

Over de communicatie rond de zaak Fortis, kunnen we een boek schrijven. Communicatie in tijden van crisis moet vooral duidelijk, eerlijk en eensgezind zijn. Niets daarvan hier. Alle partijen voerden hun eigen spektakel op. Ter ondersteuning van de onrust en de chaos. Waar bleven de kenners, de media en de regering om een duidelijke visie te geven? Crisiscommunicatie moet vooral ook een visie, een toekomstbeeld voor ogen hebben. Alle belanghebbende groeperingen stelden het niet volgen van hun project als een catastrofe voor.  No future! Hoe maak je de bevolking bang! En dat is geen goed uitgangspunt om aan de toekomst te werken. Als het grootkapitaal niet langer casinowinsten zou nastreven op de beurs, zouden we al een stap in de goede richting zetten.  Streven naar gewoon rendabele bedrijven is de opdracht.