Terug naar de (voetbal)realiteit

Als beroepsjournalist kan ik het wekelijks live meemaken: de armtierigheid van ons voetbal dat gedragen wordt door omhoog gevallen spelers. We hebben nu eenmaal zestien ploegen nodig in eerste nationale en moeten daarom ook aanvaarden dat er daartussen heel wat spelers lopen die eigenlijk eerste nationale onwaardig zijn. Maar zolang men dat niet inziet bij de Bond zal men hier blijven aanmodderen. Dus ga ik wekelijks kijken naar teams die geen drie goede passes na elkaar kunnen geven, naar spelers die de basistechnieken van voetbal niet onder de knie hebben, naar trainers die tactische concepten uitdenken die ze zelf niet altijd snappen, naar spelers die verleerd zijn zelf te denken op een veld, naar bestuurslui die denken dat voetbal het middelpunt van de wereld is, naar supporters die alle fatsoen verliezen als hun club al dan niet onrecht wordt aangedaan. Ik kan zo nog wel een eindje doorgaan. Voetbal is business, big business.  Spelers, makelaars, mediabedrijven, telefoniebedrijven, de sportkledingindustrie, bedienden, restaurants, kortom met zijn allen winnen we er aan. Er is natuurlijk wel wat overlast voor de modale belastingbetaler die samen met de politie moet instaan voor de veiligheid en er zijn clubverantwoordelijken die ‘s nachts niet meer slapen door het financiële zwaard dat boven hun hoofd hangt. Maar het slechte voetbal, het gebrek aan conditie, het gebrek aan tactisch vernuft en techniek, zeg maar de werkelijkheid, worden telkens weer in een of andere roes vergeten. Met zijn allen bakkeleien ze over details maar die dragen niet bij tot de verbetering van ons voetbal. De conclusie is dan ook dat ze met zijn allen overbetaald zijn voor wat de heren maar brengen. De vele makelaars en huurlingen zullen dit natuurlijk niet graag horen maar ik denk dat ze net als in de economie ook eens de tering naar de nering moeten zetten: harder werken voor minder geld.