De Tour als breuklijn

De evolutie van de prestaties van de Vlaamse renners in de Tour loopt merkwaardig parallel met de evolutie van Vlaanderen zelf.  We rijden nog altijd mee.  Dat wel maar opvallen doen we niet meer.  Dit jaar bleven we in de Tour net als in 2006 met lege handen achter. In 2007 pakten de Belgen, lees Vlamingen, drie ritzeges, in 2008 was dat er een.  Over het klassement spreken we niet (meer).  Al was er dan net dit jaar een vijftiende stek voor Jurgen Van den Broeck en een 28ste voor Maxime Montfort. Maar een vogel maakt de lente niet. In 1969 was het 30 jaar na Sylvère Maes dat er nog eens een Belg, in casu Eddy Merckx, de ronde van Frankrijk won. Lucien Van Impe won in 1976 als laatste Belg  de Tour. Ondertussen zijn we al 2009.  33 jaar geleden al…

In 1981 tekende België voor 10 ritzeges en posteerde 3 renners in de top tien. Freddy Maertens won 5 ritten en pakte de groene trui. Nog even herhalen dat we dit jaar nul zeges haalden en tevreden moeten zijn met een vijftiende stek in de eindklassering.  Natuurlijk is er in het wielrennen, net als in de economie overigens, een globalisering waar te nemen.  Maar waarom kunnen Franse neoprofs een rit winnen  en de Belgen niet. Waarom trekken buitenlanders in de aanval en de Vlamingen niet? Waar is de tijd van de Teirlincks die op het einde van de rit nog het lef hadden om te demarreren en iedereen een poepje te laten ruiken?  Als je dan Tom Steels hoort vertellen dat er dringend werk moet worden gemaakt van de jeugdopleiding  in Frankrijk en dat die bij ons veel verder staat daar we regelmatig toppers voortbrengen dan moet ik toch even gaan zitten.  Wij brengen toppers voor die zes weken in een jaar in bepaalde klassiekers kunnen meestrijden voor de overwinning. Niet meer maar ook niet minder.  We hebben voorlopig nog wel de knowhow via ploegleiders en topteams maar voor hoelang nog? Als Vlaanderen binnen de kortste keren geen degelijke ronderenners meer kan afleveren dan zal de belangstelling  voor de rondes, ja zelfs voor de Tour, enorm terugvallen.  Het grote wielercircus zal aan Vlaanderen voorbij gaan.

Vlaanderen moet oppassen dat het niet dezelfde weg opgaat als zijn renners: tevreden zijn met goed te zijn onder de kerktoren.  We zijn goed op ons niveau maar missen blijkbaar de ambitie om te groeien. Wil Vlaanderen de levensstandaard op hetzelfde niveau houden dan moet het  sowieso zelf  initiatief nemen en er zeker voor zorgen dat het internationaal in de kijker loopt.  Vlaanderen moet met andere woorden vooral zijn eigen sterke troeven uitspelen. Daar zit kennis en wetenschappelijk onderzoek bij  en ook werklust en inzet. Al staat dat laatste zwaar onder druk.